
door Marga van Veen
Als eten en gewicht een obsessie worden, spreken we van een eetstoornis. ‘In de ban van eten’ is een zoektocht naar de voedingsbodem van een eetstoornis en toont aan op welke wijze hypnotherapie een bijdrage kan leveren aan een mogelijk herstel.
Algemeen wordt aangenomen dat anorexia nervosa (AN) behoort tot de psychiatrische ziekten met de hoogste mortaliteit. Uit recent onderzoek 1 is gebleken dat ook andere eetstoornissen als boulimia nervosa (BN) en de eetbuistoornis (BED) daar nauwelijks voor onderdoen of het percentage van AN zelfs overtreffen. Ook het percentage chroniciteit onder genoemde eetstoornissen is hoog.
Het bovenstaande is uitgangspunt geworden voor mijn afstudeerscriptie, die medio januari 2010 wordt gepubliceerd en in boekvorm zal verschijnen. Naast literatuuronderzoek, bevat het boek een verslag van het praktijkonderzoek, waarbij alle therapiesessies met de deelnemers aan het onderzoek letterlijk zijn weergegeven. Hierdoor kan de lezer een kijkje nemen in de keuken van de hypnotherapeut en kan zich zo een beeld vormen van wat moderne hypnotherapie hem of haar te bieden heeft.
Zowel literatuuronderzoek, praktijkonderzoek als eigen observaties tonen aan dat een eetstoornis zich ontwikkelt volgens een bepaald patroon, dat begint met het hebben van een negatief zelfbeeld en het ontbreken van een eigen, autonome identiteit. Als er al sprake is van een identiteit dan is deze veelal gekoppeld aan de mening van wat anderen van je vinden. Je zou het ook een sociaal zelfbeeld kunnen noemen. Mogelijkerwijze zou dit een verklaring kunnen zijn voor het feit dat eetstoornissen statistisch gezien vaker bij vrouwen dan bij mannen voorkomen. Mannen hebben veelal een autonoom zelfbeeld.
Het hierboven genoemde patroon blijkt een, zichzelf in standhoudende, vicieuze cirkel te zijn waar men zonder professionele hulp niet uit komt.
Het verband wordt aangetoond tussen een niet autonome identiteit en de breuk die is ontstaan in de identiteitsontwikkeling van het kind tot (jong) volwassene, doordat het psychosociaal leergebied onvoldoende is benut. Hier zou de voedingsbodem voor een eetstoornis kunnen liggen.
De eetstoornis biedt de patiënt de houvast waar hij of zij zo naar op zoek is. Bij gebrek aan eigen identiteit dan maar een pseudo-identiteit. En juist hierin ligt de oorzaak van het hardnekkige karakter van een eetstoornis: wie eenmaal de kracht van deze pseudo-identiteit heeft ervaren laat deze niet snel weer los.

Er is vooraf een zodanige selectie van deelnemers voor het praktijkonderzoek gemaakt dat alle drie genoemde eetstoornissen vertegenwoordigd waren.
Opmerkelijk is dat naast het sociale zelfbeeld, alle deelnemers aan het onderzoek:
Nog niet eens zo heel lang geleden vond de behandeling van mensen met een eetstoornis plaats in dezelfde kliniek als die waar mensen met een alcohol - of drugsverslaving werden behandeld . Men vond toen dat er zoveel overeenkomst was tussen de verslavingen dat er ook één methodiek gebruikt kon worden. De laatste decennia is er voor gekozen de verschillende verslavingen afzonderlijk en in gespecialiseerde klinieken te behandelen omdat elke verslaving immers een eigen, specifieke aanpak nodig heeft.
Dit neemt niet weg dat er weldegelijk sprake is van een overeenkomst: bij elke verslaving wordt als kenmerk genoemd het feit dat men een kick ervan krijgt en dat dit er voor zorgt dat men uiteindelijk verslaafd raakt en niet meer kan stoppen. Ook de roes, het ‘er even niet zijn’ is kenmerkend voor elke verslaving: een gevoel van verdoving waardoor men dissocieert van de situatie en hierdoor de innerlijke pijn en andere onbehaaglijke gevoelens even niet hoeft te voelen.
Dissociatie is een verschijnsel dat ook voor komt bij mensen met een eetstoornis en wordt in deze hoedanigheid ook wel ‘emotionele anesthesie’ genoemd 2. Door verslaafd te raken is men de grip op het eigen leven kwijtgeraakt en is de eetverslaving het leven van de cliënt gaan bepalen.
Voor het onderzoek is uitgegaan van een standaard behandelplan van vijf sessies. Om de resultaten van het onderzoek ook cijfermatig te kunnen analyseren is er voor gekozen de deelnemers een enquêteformulier te laten invullen, zowel voor aanvang als na afloop van de serie behandelingen.
Het behandelplan zal moeten aantonen of, en zo ja hoe, hypnotherapie kan bijdragen aan het doorbreken van de vicieuze cirkel van een eetstoornis en zo kan leiden tot (blijvend) herstel.
Een goed opgeleid hypnotherapeut kent als geen ander de absolute voorwaarde om therapeutisch te kunnen werken met trance: vertrouwen. Een ‘vierkant van vertrouwen’ zelfs waardoor de cliënt zich veilig genoeg voelt om bij die therapeut te werken aan het realiseren van zijn of haar hulpwens. Het stelt hoge eisen aan de hypnotherapeut die, naast voldoende vakkennis, moet beschikken over een congruente en ethisch verantwoorde basishouding.
Ik kan u verzekeren dat je als behandelaar van mensen met een eetstoornis behoorlijk op de proef gesteld wordt!
Een uitgebreid intakegesprek is hierbij het halve werk en juist omdat de deelnemers hadden aangegeven erg nieuwsgierig te zijn naar wat trance nu eigenlijk inhoudt, is er in het behandelplan voor gekozen na de intake meteen een korte kennismaking te geven met trance, door middel van een ankertechniek. Achteraf is gebleken dat juist hierdoor de motivatie om door te gaan met de therapie werd vergroot: heel kort heeft men weer mogen ervaren hoe het is om zonder een eetstoornis te leven en om het denken eens los te kunnen laten. De huiswerkopdracht, het dagelijkse schrijven, heeft de deelnemers geholpen om (oude) emoties en malende gedachten van zich af te schrijven. Gebleken is dat het schrijven inzichtelijk maakte waar het eetprobleem werkelijk mee te maken had en indirect werd er op deze wijze toegewerkt naar een volgende sessie.
Belangrijk in de behandeling van mensen met een eetstoornis is te werken aan bewustwording van het automatisme van hun eetstoornis: wat zorgt er voor dat de vicieuze cirkel van de eetstoornis alsmaar in stand wordt gehouden? Wat is drijfveer achter de eetstoornis?
Het werken met stoelen is een mooie methode gebleken om toe te passen bij mensen met een eetstoornis omdat het inzichtelijk maakt welke persoonlijkheidsdelen van de cliënt betrokken zijn bij het in standhouden van de eetstoornis. Door de cliënt afwisselend te laten associëren en dissociëren kan deze ervaren wat de invloed is van de verschillende delen in zijn of haar leven. Welk deel is de regie gaan voeren en hoe kan de cliënt zelf de regie over zijn of haar eigen leven weer terug nemen?
Het praktijkonderzoek heeft uitgewezen dat er sprake is van een onbewuste prikkel die de eetstoornis actief houdt. Deze prikkel kan er ineens voor zorgen dat er een stressvol moment ontstaat, waarin de cliënt angst of onrust ervaart, vaak zonder dat er hiervoor een aanwijsbare reden is. Door de cliënt in trance het moment te laten ervaren vlak voor dit stressmoment kan er inzicht komen in waar deze onbewuste prikkel mee te maken heeft.
Deze methode is bijzonder geschikt doordat er heel geleidelijk wordt toe gewerkt naar een volledige trance sessie, waarin op zoek gegaan kan worden naar het moment waarop deze prikkel is ontstaan. Vaak ook het moment waarin de eetstoornis tot ontwikkeling is gekomen. Door inzicht en door het uiten van opgekropte emoties kan er uiteindelijk heling ontstaan waardoor de innerlijke balans van de cliënt kan worden hersteld.
Alle deelnemers aan het onderzoek hebben trance als zeer prettig ervaren, omdat zij hierdoor weer hebben kunnen voelen hoe het is als het denken los gelaten kan worden. Zij waren verrast te ervaren dat het eigen onbewuste een koppeling kon maken tussen hun eetprobleem in het heden en de oorsprong ervan in hun verleden. Mede hierdoor is het vertrouwen in zichzelf en in het eigen lijf geleidelijk weer gaan groeien.
‘In de ban van eten’ toont aan dat hypnotherapie effectief en efficiënt kan worden toegepast in de behandeling van mensen met een eetstoornis. Het laat tevens zien wat een mooie indirecte en speelse therapievorm het is.Hypnotherapie biedt een variëteit aan methoden en technieken, waardoor de cliënt precies de behandeling krijgt die bij hem of haar past. En bovenal biedt hypnotherapie de cliënt tijd en aandacht: de gemiddelde behandelingsduur bedraagt 90 minuten. Zo kan hypno-therapie kwaliteit en maatwerk bieden in de GGZ.
‘In de ban van eten’ kan bestelt worden via uitgeverij Gopher.
Mindfulness voor sensitieve kinderen. De Zintuigenboom is een heerlijk positief boek vol informatie, leuke weetjes en handige oplossingen voor gevoelige kinderen die zich wel eens druk en overprikkeld ...
Cognitieve gedragstherapie gaat ervan uit dat gedachten, gedrag en gevoelens op een bepaalde manier met elkaar verbonden zijn. Iemands gedachten beïnvloeden zijn of haar gevoelens en gedrag. Negatieve ...